De Blije Thuiskomst

15-01-2026

Als dit in deze eeuw had plaatsgevonden dan zat Mark nu geduldig wachtend in de auto iets met zijn smartphone te prutsen. Maar dat kon toen nog niet. Het zou nog meer dan twintig jaar duren voordat die dingen gemeengoed begonnen te worden. 
Wat hij wel zat te doen kan ik mij niet meer herinneren. Wel dat hij erg verrast op keek, zich haastte om de deur naast zich open te doen en de instappende Rik daarbij duidelijk opgelucht verwelkomde met:

"Zo broertje, toch maar weer mee gekomen met die ouwe? Daar ben ik nou eens heel erg blij om. Zie je nou wel dat je niet gek bent?"

Dat laatste was misschien niet zo tactvol, maar het werkte wel.

Rik begon van opluchting te grijnzen. Ze hadden zo hun eigen manier van met elkaar omgaan ontwikkeld. Daar hadden Rietje en ik niets aan hoeven doen.

"Ik kan jou toch niet alleen laten met al die meiden…"

Ze waren direct weer onder ons. Op hun manier.

Er vielen ter plekke al wat kilo's aan zorgen van me af.

Ik was kennelijk even niet meer zo nodig en had de tas al op de achterbank gegooid. Ik ging er dus maar zwijgend naast zitten en trok de deur naast me dicht. 

Even niet belangrijk meer…

Mark manoeuvreerde het parkeerterrein af en zette binnendoor koers naar Maarssen-dorp. Via de Maarsseveensevaart. Een rit van nauwelijks tien minuten.

Maar op de donkere binnenweg zonder straatverlichting had hij toch z'n volle aandacht wel nodig.

Toen we ons eigen woonerfje opdraaiden waren de gespannen silhouetten van Ludy, Tes en Vera voor het grote raam duidelijk zichtbaar tegen de achtergrond van de helder verlichte kamer. 

Je hóórde hen alshetware al tegen elkaar zeggen: 
Kijk nou joh, Rik is er óók bij."

De voordeur zwaaide open en Vera vloog Rik letterlijk om z'n hals. Die kleine - toen net dertien - was compleet gek op nog zo'n grote broer. En liet niet na dat ook te laten merken. Als hij maar naar zijn Simca liep, dan zat zij er al in… De andere twee toonden hun blijdschap op een wat meer ingehouden manier. Wat logisch was want hoe kon de daarnet nog als hachelijke omschreven situatie nu alweer zó veranderd zijn? En dan nu ook nog uitmonden in een soort van blije thuiskomst?

Ik herinner me dat ik het allemaal prima vond. Dit moest Rik wel goed doen. Zeker na zijn zoveelste schrikbeeld op de elfde etage. In gedachten al gedwongen tot een verblijf van minstens drie maanden tussen lieden die in de film One Flew Over the Cuckoo's Nest niet zouden hebben misstaan. En dan nu onverwacht toch gewoon weer THUIS.

We werden mee naar binnen getrokken en alle aandacht was helemaal voor Rik. Ze keken mij ook wel aan met zo'n blik van: zeg jij nou ook eens wat. Maar Rik was al bezig om de spanning vast wat op te bouwen. Niet zelden tot Ludy’s ergernis. Dus deed hij dat wel vaker, maar nu was het juist extra leuk. Omdat het helemaal hem zèlf betrof. En zij geen rol kon spelen. En jawel, zijn act begon met het op een irritante manier winnen van tijd. “Timing” noemde hij dat wel eens. Ik was heel even trots op hem. Totaal niet wetend wat er nu ging komen.

"Zouden jullie ons niet eerst eens vragen wat of we drinken willen? Of misschien eten? Ik heb vanaf vanmorgen eigenlijk niks gehad.

Die patiënten krijgen daar namelijk overdag niks te eten. Daarom zijn ze ook zo mager. Dan kunnen de behandelaars met hun elektroshocks beter bij je zenuwknopen."

Hij maakte het wel erg bont dit keer, maar dat had ik aan zien komen en had het ook precies zo bedoeld. Rik was en is een acteur als hij de kans krijgt. Dat soort humor is hem op het lijf geschreven en komt eruit mits hij maar niet onder druk staat. Conclusie?  

We waren nu al op de goede weg!

Terwijl Tessa en Veer glazen fris inschonken en wat te smikkelen uit de koelkast haalden, zei Ludy ongedurig:

"Nou Rik, die omwegen van je kennen we nu wel. Waarom moest je van Nico naar het Overvecht? En waarom zit je dan nu weer hier?"

"Omdat ik mijn zusje zo miste.”

"Kom op Rik, niet zo flauw. We moeten straks weer naar school."

Ze kende haar broer, maar hij kende Ludy ook.

Dus om een lang verhaal kort te maken en nadat Rik alle inwonende figuren van de elfde verdieping had geïmiteerd - inclusief de Jurk en de broeder met z’n zweep - en iedereen uitgelachen was en weer wat meer ontspannen, gingen we allemaal toch nog maar voor een paar uurtjes naar ons eigen bed.

Nadat ik Tiddo nog had uitgelaten en ook in bed lag, miste ik Rietje zo verschrikkelijk, maar had toch de indruk dat de hier thuis beleefde voorstelling Rik meer goed had gedaan dan een maand in de Jurk z'n halve-zolen-kliniek. En één ding was me voor de zoveelste keer bijzonder duidelijk geworden: Rik was niet gestoord of zo. Hij was en is een dood- en doodgoeie veel te goedgelovige vent die soms wel eens primair reageert. En destijds af en toe flink in de war was. Zeker na een biertje. Mocht hij alsjeblieft?

Nico was vroeg de volgende ochtend. Hij vertelde me per telefoon dat ik nu wel helemáál verantwoordelijk was. De Jurk en Geitenwollen Sokken hadden elkaar dus ook alweer aan de telefoon gehad. 

“Ja Nico, nee Nico… vertel me eens wat nieuws..."


NB. Over 40 jaar weten Ludy en Rik hier niks meer van. Gek hè...?