Naar het graf van Papa

Via de Grote Zaal baande Theo zich een weg met een uitgestoken hoorn in z'n hand.
"Ludy voor je aan de telefoon."
"Geef maar hier…"
"Ja, met Ad..?"
"Ik wil zo graag naar papa's graf…"
"Da's goed. Ik kom er aan."
"Maar je hebt je maandelijkse klantenavond…"
"Wie dit niet begrijpt die hoort hier niet. Wil je dat ik mama vraag om mee te gaan?"
"Ja graag."
"En Rik?"
"Die heeft het al zo moeilijk."
"Tot over pakweg twintig minuten als m'n auto niet staat ingebouwd. Maar dan komen we wel met één van onze rooie Golfjes. Tot zo."
"Theo stond nog braaf te wachten tussen het gebruikelijke geroezemoes van elke derde donderdagavond op Terra en nam de hoorn weer in ontvangst."
"Weet jij soms waar Rietje is?"
"Ik dacht beneden in de keuken. Bij Koos."
"Ludy wil naar het graf van Steven."
"Eindelijk… gelukkig. Maar kan dat wel?"
"Ik pak onze jassen even. Loop jij intussen naar de voordeur? Mijn auto staat op z'n gewone plaats. Achter bij het water."
"En Rik?"
"Luud vindt dat hij het al moeilijk genoeg heeft."
"Goed van haar."
Zwijgend reden we door Loenen naar Maarssen. Via Nieuwersluis en Breukelen. Over de Straatweg binnendoor.
"Het hek staat open", zei Rietje toen we langs de begraafplaats kwamen.
"Gelukkig maar."
Ludy stapte achterin. Rietje ging naast haar zitten. En sloeg een arm om de schouders van haar dochter.
"Moedig van je, Lubke."
"Ik vind het zo moeilijk, mama. Maar ik was voor 't eerst alleen met Tiddo en dacht:
"Als ik het nu niet doe…"
"Maakt niet uit wanneer. Ik vind het ook nog steeds moeilijk om te bevatten. En om naartoe te gaan. Maar dan denk ik: wat daar ligt is dat is mijn Steven niet meer. Daar hebben we op een andere manier afscheid van genomen. Dat weet jij ook. Dadelijk zijn we wel op de plaats waar het makkelijker is om aan hem te denken. Zoals toen hij nog bij ons was."
Ik hoorde Ludy ingehouden slikken en Rietje verborg haar eigen verdriet. Ze was nu in de eerste plaats moeder. Een sterke vrouw met weerbarstig, gitzwart glanzend haar en een frêle gestalte.
Ik voelde in het bergvak van de autodeur.
"Wat doe je? Zoek je iets?"
"Een zaklantaarn. Die zullen we nodig hebben. Het is aardedonker daar tussen die nieuwe graven."
"Goed dat je er aan denkt... Ik heb verkeerde schoenen aan."
"Hier zijn het altijd de goede. Als je het maar niet te koud krijgt."
Ik graaide een extra wollen hockeysjaal voor haar uit de middenconsole.
Met z'n drieën liepen we het voor Rietje en mij bekende pad. Met Ludy tussen ons in. Bij het graf gekomen had ze haar arm ook door die van mij gestoken. Ik ervoer dat als een voorrecht om ook hier haar steun te mogen zijn. Ze slikte een paar keer en snikte toen hoorbaar. Rietje ook. Ze zochten nu troost bij elkaar. Ik wist niet beter te doen dan met de lantaarn de rechtop staande steen belichten… Steven Gerben Dirk van Zuidam met daaronder: 24.09.1939 - 03.05.1984. Hij had niet ouder mogen worden dan 43 jaar…
Kinderen kunnen je dan nog niet missen. En voelen zich nog extra schuldig door hun opstandig pubergedrag.
We waren alledrie een paar minuten bezig met elk onze eigen gedachten. Toen was het Rietje die 't initiatief overnam door te bukken en met haar vrije hand nog even over de gepolijste granieten rand te strijken. Geruisloos liepen we terug over het verse gras tot waar het grind zacht hoorbaar de stilte doorbrak.
Thuis belde ik nog even naar Terra Nova. Edith nam op.
"Jullie hoeven niet meer terug te komen, hoor. Bijna iedereen is nu naar huis. Koos is beneden aan het opruimen en wij redden het hier boven wel. Theo en ik sluiten af.
"Dank je Edith. En welterusten voor straks."
"Jullie ook."
november 1984
NB. Over 30 jaar weet Ludy hier niks meer van. Gek hè...?
