Perplex verlieten we de Raadzaal

Perplex verlieten we de raadzaal. Mijn raadsman en ik. Dat wil zeggen: ik wist mij volstrekt geen raad met m'n alsmaar rondtollende verwarring. Waarom was ik een paar maanden geleden nog de beste vader die een kind zich kon wensen? Maar nu opeens de grootste schoft die op aarde rondloopt? Rechters lezen toch ook rechtbankverslagen? Zeker in hoger beroep. Mijn lijf kreeg het beven ook al niet in bedwang. Voornamelijk vanwege de totaal onverwachte agressie, denk ik. Walter, minstens twaalf jaar jonger dan ik maar een halve kop groter, legde zijn hand op mijn schouder en opperde dat ik beter maar even mee kon lopen. Kennelijk wilde hij me nog even niet uit het oog verliezen. Zijn hand duwde me zorgzaam in de richting van een open ruimte met wat men tegenwoordig lockers noemt. Er stonden hele rijen van die dingen loodrecht op een lange muur. Hij ontsloot een kast, schikte zijn toga met bef over een hangertje en haalde zijn colbertje tevoorschijn. Tenminste, dat denk ik nu. Het lijkt me warm onder zo'n zwarte jurk. Toen was ik nog te wezenloos om zo iets nauwkeurig in me op te nemen. Vanaf de overkant van de hal buiten deze ruimte, klikten voetstappen naderbij. Naaldhakken.
"Dat is mijn collega", zei Walter zacht, "u hoort hier niet te zijn. Mijn schuld. Ga even achter die volgende rij kasten staan." Ik voldeed maar al te graag aan zijn verzoek. Net op tijd, want Trudy's fel feministische advocate klikklakte over de granieten vloer het vertrek binnen.
"Excuses collega, mijn cliënte heeft zich precies zo gedragen als ik haar met klem had ontraden. Meerdere malen had ontraden. Wat mij betreft zijn de consequenties nu voor haar. Ik trek mij terug. Temeer daar ik de indruk heb, dat ze precies weet wat ze aan het doen is. En dat gaat me echt te ver."
"Excuses aanvaard", hoorde ik Walter zeggen, die zich op de vlakte hield en al eerder had laten merken weinig sympathie te kunnen opbrengen voor deze opponente. "We zullen het maar afwachten. Aangename dag verder." Ze blijven beleefd, die juristen onder elkaar...
De hoge hakken leken zich om te draaien en klikten weg. Lichtelijk opgelucht begon ik weer wat vrijer te ademen. Een mens bevindt zich gelukkig niet vaak in zo'n situatie. Ik niet althans. Het jongensachtige hoofd van Walter verscheen om de hoek van de rij kasten.
"U hebt gehoord wat u niet geacht werd te horen. De dames schijnen het niet eens te zijn. Maar de kust is veilig. We kunnen naar de auto."
Ik had hem bij zijn kantoor opgehaald omdat één auto toen ook al meer dan genoeg problemen gaf om bij het gerechtsgebouw van Amsterdam te parkeren. Ik reed op mijn routine terug naar De Lairessestraat en wilde Walter afzetten bij zijn kantoor.
"Oh nee", zei hij resoluut, "in deze toestand gaat u niet naar Friesland terug. Parkeer daarginds maar. We gaan binnen aan de koffie. Het is beter als ik zeg wanneer u veilig naar huis kunt."
"Zeg alsjeblieft jij", perste ik er uit. Want zo voelde ik me bij hem.
Braaf zette ik mijn auto op de aangewezen plaats en volgde deze vriendelijke en bekwame jongeman naar zijn werkkamer. Iemand bracht kopjes en een kan koffie. Ik nam ongezien nog een halve valium vijf. Walter leek helemaal geen haast te hebben of deed alsof. We resumeerden het gebeurde op zakelijk toon. Onder meer de vijandige wijziging van mijn vaderschapsimago ten overstaan van rechtbank en kinderbescherming.
"Maar..." zo merkte Walter ook nog op, "… zij heeft de alimentatiebetalingen consequent verborgen gehouden voor haar advocate. Dat zal de voornaamste reden van haar excuus wel zijn geweest. Maar ik heb die afschriften als bewijs wèl bij de stukken gevoegd. Wat dàt betreft zal de rechtbank zich zwaar misleid voelen. En de kinderbescherming ook."
We voegden nog de nodige koetjes en kalfjes aan het gesprek toe tot ik een klein uurtje later mijn evenwicht leek te hebben hervonden. En de koffiekan leeg was.
"Mag ik nu wel weg?" probeerde ik met een geforceerde grijns.
Kennelijk was hij het eens met het tutoyeren.
"Zou je je vrouw niet even bellen dat je er aan komt? Als ze je ex een beetje heeft leren kennen, wil ze vast wel weten of het nog goed met je gaat. De rest van het verhaal hoort ze dan straks wel."
Hij schoof de telefoon naar me toe.
Rietje klonk opgelucht en begreep dat uitleg nog wel even kon wachten. Walter bracht me naar de auto, ik bedankte hem nogmaals en we namen afscheid.
"Tot een volgende keer?"
"Privé graag, maar zakelijk liever niet."
"Doe voorzichtig."
"Zal ik doen."
Een advocaat met een goed hart. Walter zou het best nog wel eens ver kunnen brengen! Ik zag in mijn spiegel, dat hij wachtte tot ik uit het gezicht verdween.
December 1997
